MAANDAG
We hebben over de bok en de plint gesprongen bij turnen.
DINSDAG
We hebben vandaag niet geturnd want de turnlerares was ziek.
WOENSDAG
We hebben een toets gedaan over Wereldoorlog I en Nina was jarig.
DONDERDAG
We hebben een Kahoot gedaan over de jarige.
VRIJDAG
We hebben nog een Kahoot gedaan en we zijn ook naar de bieb geweest.

